Reglement

Welkom op de website van Fietscross District Midden

Inhoudsopgave

Algemene bepalingen ……………………………………………………………………………………………….2Wedstrijden …………………………………………………………………………………………………………….2Organisatie ……………………………………………………………………………………………………………..2Deelname aan wedstrijden ………………………………………………………………………………………..2Deelname en onttrekken aan de wedstrijd ……………………………………………………………………3Bekendheid met de reglementen ………………………………………………………………………………..3Inschrijven ………………………………………………………………………………………………………………4Afgelasting ……………………………………………………………………………………………………………..4Klasse-indeling ………………………………………………………………………………………………………..4Indeling manches en (semi-)finales …………………………………………………………………………….5Puntentelling …………………………………………………………………………………………………………..6Wedstrijdindeling ……………………………………………………………………………………………………..7Prijzenregeling…………………………………………………………………………………………………………7Inschrijfgeld …………………………………………………………………………………………………………….8Uitrustingseisen ……………………………………………………………………………………………………….8Het Fietscross-wedstrijdcircuit ……………………………………………………………………………………8Voorschriften van de fiets ………………………………………………………………………………………..10Startpositie ……………………………………………………………………………………………………………12Training ………………………………………………………………………………………………………………..13Wedstrijd controlevlaggen ……………………………………………………………………………………….13Rennerskwartier/parc fermé …………………………………………………………………………………….13De start…………………………………………………………………………………………………………………14Wedstrijd ………………………………………………………………………………………………………………15Straffen…………………………………………………………………………………………………………………15Protesten ………………………………………………………………………………………………………………16De trackmanager ……………………………………………………………………………………………………16Starter ………………………………………………………………………………………………………………….17Baancommissarissen ……………………………………………………………………………………………..17Jury ……………………………………………………………………………………………………………………..18Fotofinish en jury ……………………………………………………………………………………………………18E.H.B.O. ……………………………………………………………………………………………………………….19Alcoholverbod………………………………………………………………………………………………………..19Reglement …………………………………………………………………………………………………………….19


Page 2

Algemene bepalingenArtikel 1De NFF heeft als een van de landelijke overkoepelende organisaties van de fietscrosssporthet recht en de plicht om regelend op te treden op het gebied van de fietscrosssport in demeest algemene zin van het woord.WedstrijdenArtikel 2Voor de toepassing van dit reglement wordt onder “wedstrijden” verstaan, alle evenementengeorganiseerd door een fietscrossvereniging aangesloten bij de NFF.OrganisatieArtikel 31. De NFF treedt regelend op bij het samenstellen van de nationale wedstrijdkalender vande NFF, waartoe in elk geval behoren de Nederlandse Kampioenschappen (NK) Indooren Outdoor, de Nederlands Club Kampioenschappen (NCK) Indoor en Outdoor, denationale wedstrijden en Interlandwedstrijden. Andere wedstrijden kunnen uitsluitendmet toestemming van de Federatieraad op de nationale wedstrijdkalender wordengeplaatst. Bij de samenstelling van de district-wedstrijdkalenders dienen de zaterdagenin het weekend van de Nationale kalender van de NFF te worden vrijgehouden.2. Ten behoeve van de verdeling van nationale wedstrijden, worden de verenigingen ingroepen ingedeeld. In iedere groep wordt elk jaar een nationale wedstrijdgeorganiseerd. Om een nationale wedstrijd te mogen organiseren moet een verenigingminimaal twee (2) jaar lid zijn van de NFF, (dus drie (3) jaar vanaf de aanmelding; heteerste jaar is de vereniging aspirant-lid).Deelname aan wedstrijdenArtikel 41. De deelname aan wedstrijden vermeld op de nationale wedstrijdkalender van de NFFstaat alleen open voor federatiekaarthouders tenzij de Federatieraad dispensatieverleent.2. Om mee te kunnen doen aan het NK Outdoor moet men aan een aantal nationalewedstrijden, zonder NCK en NK Outdoor, hebben deelgenomen. Dit aantal wordtbepaald door het aantal nationale wedstrijden in de periode van NK Outdoor tot NKOutdoor minus vier (4), met een minimum van vier (4).


Page 3

3. Voor de regeling genoemd in lid 2 wordt in geen enkel geval dispensatie verleend.Deelname en onttrekken aan de wedstrijdArtikel 4a1. Rijd(st)ers aan een wedstrijd zijn degenen die vóór 09:30 uur van de wedstrijddag zijnaangemeld via voorinschrijving of daginschrijving, en niet meer zijn afgemeld voor dattijdstip. Vanaf 09:30 uur zijn deze bepalingen op hen van toepassing.2. Rijd(st)ers kunnen de wedstrijd ongestraft verlaten als aan twee van de volgendevoorwaarden is voldaan:a) als de EHBO het niet verantwoord of ongewenst acht dat zij verder deelnemenb) als zij toestemming hebben van de trackmanagersc) als zij toestemming hebben van het NFF-juryteam3. Rijd(st)ers mogen de wedstrijd ongestraft verlaten na de manches als zij op basis vanhun prestaties niet (kunnen) worden doorgeschreven naar een volgende ronde.4. Rijd(ster)ers die zich aan de wedstrijd onttrekken op een wijze die niet inovereenstemming is met lid 2 of lid 3, doen dat op eigen initiatief en voor eigen risico.Deze handelwijze kan door de NFF bestraft worden.5. Wanneer onttrekking aan de wedstrijd geconstateerd wordt, zal door de NFF een strafworden opgelegd. De straf zal zijn: diskwalificatie (gevolg o.a. punten Promotieklassegaan verloren, wedstrijd telt als ‘gemist’). De betreffende rijd(st)er kan daarná eenberoep doen op het hoofdbestuur van de NFF de straf teniet te doen. 6. De rijd(st)er kan per definitie niet worden aangesproken op zijn gedrag, hij/zij heeftimmers de wedstrijd verlaten. De strafmaatregel zal in de week na de wedstrijd wordenmeegedeeld aan de vereniging waarbij de deelnemer is aangesloten. Aan devereniging zal expliciet worden verzocht de straf mee te delen aan de deelnemer.Bekendheid met de reglementenArtikel 5Iedere organisator van en iedere rijd(st)er of medewerker aan een wedstrijd wordt geachtbekend te zijn met het wedstrijdreglement van de NFF en aanvaardt zonder voorbehoud dedaaruit voortvloeiende consequenties. Hij/zij doet uitdrukkelijk afstand van het recht opberoep op iedere andere arbiter, rechter of ander college dan die waarin de reglementen vande NFF voorzien.


Page 4

InschrijvenArtikel 61. Inschrijven voor een wedstrijd geschiedt via de eigen vereniging middels eenvoorinschrijving.2. Aanmelding van de deelnemers op de wedstrijddag dient vóór 9:30 uur te zijn gedaandoor de clubvertegenwoordiger.3. Na sluiting van de voorinschrijvingstermijn kunnen op de wedstrijddag zelf nogdaginschrijvingen worden gedaan, mits vóór 9:30 uur en door declubvertegenwoordiger.4. Bij een daginschrijving wordt het inschrijfgeld per klasse verhoogd met een boete van100%. Deze boete geldt niet voor de promotieklasse. De opgelegde boetes komen tengoede van de Federatiekas.AfgelastingArtikel 7Indien de baan, het weer of andere externe omstandigheden het noodzakelijk maken dat dewedstrijd wordt moet worden afgelast, dienen de deelnemende verenigingen te wordengewaarschuwd voordat zij normaliter vertrekken. Eventuele inschrijfgelden dienen te wordengerestitueerd of te worden verrekend met het inschrijfgeld van een nieuw uit te schrijvenwedstrijd.- Bij een nationale wedstrijd kan alleen het hoofdbestuur een wedstrijd afgelasten. – Bij een districtswedstrijd kan alleen het districtsbestuur een wedstrijd afgelasten.Klasse-indelingArtikel 81. Bij de indeling in klassen worden onderscheiden:a. gewone fietscrossers, zij die rijden met een crossfiets met een wielmaat van max.20 of 22 inches;b. cruisers, zij die rijden met een crossfiets met een wielmaat van 24 of 26 inches. 2. Een klasse, bedoeld onder lid 1, wordt als volgt ingedeeld:•Jongens t/m 5 jaar + meisjes t/m 6 jaar•Jongens 6 jaar + meisjes 7 jaar•Jongens 7 jaar + meisjes 8 jaar•Jongens 8 jaar + meisjes 9 jaar•Jongens 9 jaar + meisjes 10 jaar


Page 5

•Jongens 10 jaar + meisjes 11 jaar•Jongens 11 jaar + meisjes 12 jaar•Jongens 12 jaar + meisjes 13 jaar•Jongens 13 jaar + meisjes 14 jaar•Jongens 14 jaar + meisjes 15 jaar•Jongens 15 jaar + meisjes 16 jaar•Jongens 16 jaar en ouder + meisjes 17 jaar en ouder•Cruisers alle leeftijden3. Bij de indeling van klassen worden de volgende uitgangspunten gehanteerd:a. Per wedstrijdseizoen worden leeftijdsklassen ingedeeld en eventueelsamengevoegd bij minder dan drie (3) rijd(st)ers. Dit op basis van het aantalrijd(st)ers bij de voorinschrijving van de 1e wedstrijd van het districtseizoen.b. De leeftijd per de peildatum van 31 december van het lopende kalenderjaar, hetjaar waarin de wedstrijd plaats vindt, is bepalend voor de hele competitie.4. Het is mogelijk voor een rijd(st)er om in een hogere leefdtijdsklasse te rijden, dit kanuitsluitend op basis van voorinschrijving van de 1e wedstrijd van het districtseizoen. Ditgeldt voor de duur van de gehele competitie.Indeling manches en (semi-)finalesArtikel 8a1. Manche-indelinga.De manches worden verreden op basis van het zogenaamde “speedway-systeem”. Dit wil zeggen dat er over vier (4) manches in een wisselendesamenstelling van groepen wordt gereden.b. Als er van één leeftijdsklasse meerdere groepen zijn, wordt de rit van de grootstegroep als eerste verreden (voorbeeld: een groep van negen rijd(st)ers wordtverdeeld in een groep van vijf en een groep van vier rijd(st)ers. De groep van vijfrijd(st)ers als eerste, dan de groep van vier).2. Finale ritten. De behaalde resultaten in de vier (4) manches zijn bepalend voor de plaatsing voor de A, B,C, D, E, F en G-finale(s). Hierbij worden de volgende uitgangspunten gehanteerd:•De beste zeven (7) rijd(st)ers plaatsen zich rechtstreeks voor de A-finale•De volgende zeven (7) rijders, nummer 8 t/m 14, plaatsen zich voor de B-finale,nummers 15 t/m 21 plaatsen zich voor de C-finale enz.


Page 6

•De finale met alfabetisch gezien de hoogste letter zal als eerste verreden worden.Bijvoorbeeld: eerst alle G-finales, daarna alle F-finales enz.•De winnaar van een finale plaatst zich voor de volgende finale. Bijvoorbeeld: de winnaar van de D-finale komt als achtste (8e) rijd(st)er in de C-finale,de winnaar van de C-finale komt als achtste (8e) rijd(st)er in de B-finale, enz.•De behaalde resultaten in de vier (4) manches zijn bepalend voor de volgorde van hetkiezen van zijn/haar startpositie.•Bij het eindigen met een gelijk aantal punten is het resultaat van de laatste (4e) manchedoorslaggevend voor de bepaling van de einduitslag. Indien dit geen uitsluitsel geeft isde voorlaatste manche (3e manche) doorslaggevend en vervolgens de tweede mancheen daarna de eerste manche. •Indien een leeftijdsklasse 8 of minder rijd(st)ers heeft wordt een vijfde (5e) mancheverreden.PuntentellingArtikel 91. Per wedstrijddag worden de volgende punten toegekend:MANCHES1e plaats: 8 punten 2e plaats: 7 punten 3e plaats: 6 punten 4e plaats: 5 punten 5e plaats: 4 punten 6e plaats: 3 punten7e plaats: 2 punten8e plaats: 1 puntenA-FINALE1e plaats: 50 punten 2e plaats: 49 punten 3e plaats: 48 punten 4e plaats: 47 punten 5e plaats: 46 punten 6e plaats: 45 punten7e plaats: 44 punten8e plaats: 43 puntenB-FINALE1e plaats: 00 punten 2e plaats: 42 punten 3e plaats: 41 punten 4e plaats: 40 punten 5e plaats: 39 punten 6e plaats: 38 punten7e plaats: 37 punten8e plaats: 36 puntenC-FINALE1e plaats: 00 punten 2e plaats: 35 punten 3e plaats: 34 punten 4e plaats: 33 punten 5e plaats: 32 punten 6e plaats: 31 punten7e plaats: 30 punten8e plaats: 29 puntenDe puntenverdeling loopt door tot de G-finale:- D-finale: 2e plaats 28 punten t/m 8e plaats 22 punten- E-finale: 2e plaats 21 punten t/m 8e plaats 15 punten- F-finale: 2e plaats 14 punten t/m 8e plaats 8 punten- G-finale: 2e plaats 7 punten t/m 8e plaats 1 punt2. De winnaar van de B-finale t/m de G-finale krijgen geen punten, omdat zij doorgaannaar de volgende finaleronde waar zij punten kunnen verdienen of weer doorgaan naarde daarop volgende finaleronde.


Page 7

3. Indien in een leeftijdsklasse een vijfde (5e) manche wordt verreden staat dat gelijk aande punten van de punten van de A-finale toegekend.WedstrijdindelingArtikel 101. De wedstrijden worden verreden met 8 startplaatsen.2. Voor het laten rijden van een klasse op een wedstrijd is het voorwaarde dat minimaal 3rijd(st)ers aan de start verschijnen.3. Afhankelijk van het aantal rijd(st)ers wordt een wedstrijd als volgt verreden: vier (4)manches + finale(s) of vijfde manche.Prijzenregeling Artikel 10aDistrictwedstrijden1. De prijzenregeling bij districtswedstrijden wordt bepaald door het districtsbestuur.2. Er worden geen dagprijzen uitgedeeld.3. Voor de eindklassering gelden de volgende uitgangspunten:a. Het slechtste dagresultaat telt niet mee voor het eindklassement (er is 1schrapresultaat).b. Om voor de eindklassering in aanmerking te komen moet men aan minimaal zes(6) wedstrijden hebben deelgenomen.c. Bij een gelijk aantal punten in de eindklassering wordt degene met de meeste 1eplaatsen in de daguitslagen het hoogst geklasseerd. Biedt dit geen oplossing danwordt gekeken naar aantal 2e plaatsen, enzovoort.4. Om in aanmerking te komen voor een aanmoedigingsprijs gelden de volgendeuitgangspunten:a. De rijd(st)er heeft nog nooit eerder een districtsseizoen gereden.b. Een rijd(st)er moet minimaal aan drie (3) wedstrijden hebben deelgenomen om inaanmerking te komen voor een eindklassering.5.Een rijd(st)er komt alleen in aanmerking voor een dagklassering als hij/zij is gestart indrie (3) van de vier (4) manches en een finale heeft gehaald.6. Als een rijd(st)er na de vierde (4e) manche niet meer aan de start kan komen, danwordt deze rijd(st)er als laatste geklasseerd in de finale waarvoor deze rijd(st)er zichheeft geplaatst.


Page 8

InschrijfgeldArtikel 10d1. Het inschrijfgeld voor de districtswedstrijden wordt jaarlijks vastgesteld in devorjaarsvergadering van het district vastgesteld. 2. Bij een daginschrijving wordt het inschrijfgeld per klasse verhoogd met een boete van100%. De opgelegde boetes komen ten goede van de districtskas.UitrustingseisenArtikel 111. De rijd(st)er dient gekleed te zijn in een shirt of trui met lange mouwen, lange broek,handschoenen met gesloten vingers en een fullface-helm.2. Trui en broek dienen voldoende bescherming te bieden.3. Het rijden in een ruimzittende korte broek gemaakt van scheurbestendig materiaal istoegestaan in combinatie met specifieke “cross” knie/scheen-beschermers die zowelonder als boven de knie voorzien zijn van een sluiting.4. De helm moet gedragen worden in de originele staat en mag daarnaast niet zijnvoorzien van extra versiering en/of artikelen die al dan niet zelf zijn aangebracht.5. Het rijden met een clickpedaalsysteem of daarmede gelijk gestelde systemen isuitsluitend toegestaan voor rijd(st)ers van 13 jaar en ouder.Voor 12-jarigen is er een mogelijkheid om met clickpedaal-systeem te fietsen, mits:a. de rijd(st)er datzelfde lopende jaar 13 jaar wordtb. deze keuze, via de clubvertegenwoordiger van eigen vereniging, aan dewedstrijdleiding is doorgegeven vóór de eerste districtswedstrijd van hetbetreffende kalenderjaar. De keuze geldt voor het gehele lopende kalenderjaar.c. Bij wedstrijden waarin 12-jarigen en 13-jarigen gezamenlijk een gecombineerdeleeftijdsklasse vormen, mogen de 12-jarigen in de betreffende leeftijdsklasse ookvan dergelijke pedalen gebruik maken.Het Fietscross-wedstrijdcircuit Artikel 121. Het circuit Het wedstrijdcircuit dient uitgezet te worden op een grondsoort die compact vanstructuur is. Voldoende snelheid moet kunnen worden behaald om de wedstrijd ookvoor de jongsten aantrekkelijk te laten zijn.


Page 9

Het circuit dient op een open ruimte te worden uitgezet. Voor de wedstrijden is eenoppervlakte van ca. 50 x 60 meter noodzakelijk. Voor indoorwedstrijden geldt eenoppervlakte van ca. 25 x 50 meter. Het circuit dient rondom afgezet te zijn, op eendusdanige manier, dat het publiek zich rond de baan kan bewegen, alles kan overzienen toch niet op het binnenterrein kan en behoeft te komen. Het binnenterrein isverboden voor publiek.2. De lengte van het circuit De lengte van de baan dient minimaal ca. 250 meter te zijn. Voor indoorbanenminimaal ca. 150 meter.3. Startheuvel De startheuvel dient minimaal 1,50 meter hoog en ca 8.00 meter breed te zijn vooroutdoor banen. Voor indoorbanen is de hoogte van de startheuvel vrij, met alsminimum eis dat het achterwiel wel ongeveer 30 cm hoger dient te staan dan hetvoorwiel. De breedte dient minimaal 80 cm (aanbevolen wordt 1 meter) per startplaatste zijn, plus aan beide buitenkanten 20 cm vrije ruimte (bij 6 startplaatsen dus 5,2meter, bij 8 startplaatsen 6,8 meter) Het oppervlak op de startheuvel dient geasfalteerd dan wel bestraat te zijn en schuinop te lopen en wel op een dusdanige wijze, dat het achterwiel ongeveer 30 cm. hogerstaat dan het voorwiel, als de renner van start gaat.4. Starthek Een starthek is verplicht en moet een minimale lengte hebben van ca. 6,5 meter. Alshet starthek bestaat uit een geraamte met daarin de startplaatsen, dan moet de ruimtetussen de startplaatsen degelijk gesloten zijn. Voor nationale wedstrijden, zowel in- alsoutdoor, moet het starthek minimaal 50 cm hoog zijn en haaks op de starthelling staan.De startposities dienen op de opstelzijde van het hek te worden aangebracht.De bediening van het starthek moet door 1 man gebeuren. De starter geeft eveneensde commando’s. Indien van een elektronisch-magnetisch starthek gebruik wordtgemaakt, dient tevens mechanische bediening mogelijk te zijn.Indien de constructie van het starthek niet toelaat dat op een andere soort bedieningwordt overgeschakeld, dienen in ieder geval voldoende maatregelen te zijn genomenom functioneren tijdens een gehele wedstrijddag te waarborgen.5. Parc-Fermé Achter of naast de startheuvel is men verplicht een parc-fermé (gesloten park) aan teleggen. Dit is een gesloten ruimte, waar rijd(st)ers zich kunnen opstellen voor dewedstrijd.


Page 10

Minimaal dienen 6 z.g. opstelrijen te worden aangebracht, waarop rijd(st)ers zich naastdan wel achter elkaar opstellen conform de startposities aangegeven op dewedstrijdlijsten. 6. Het startterrein Het startterrein dient minimaal 6.00 meter breed te zijn bij zes (6) startposities c.q. 8.00meter breed bij acht (8) startposities en de afstand tot de eerste bocht moet minimaal45 meter bedragen. Bij het ingaan van de eerste bocht moet de baan ca. 5 meter breed zijn. Deze breedteblijft gehandhaafd tot op het moment waarop de bocht overgaat in het volgende rechtestuk en mag dan geleidelijk worden teruggebracht tot ca. 3 meter.Uitgaande van het maximale aantal toegestane rijd(st)ers aan de start nl. acht (8),dient de baan over de verdere lengte ca. 3 meter breed te zijn, met uitzondering van de(kom)bochten, die in het centrum ca. 5.00 meter breed dienen te zijn .Loodrechte afsprongen van meer dan 40 cm mogen niet voorkomen in eenfietscrosscircuit. De finishlijn dient gemarkeerd te zijn. Achter de finishlijn dient een fuik aanwezig te zijn waar de rijd(st)ers na het finishentegengehouden kunnen worden. Doorlating geschiedt op aangeven van de(hulp)trackmanager. Binnen de fuik mag het publiek zich niet ophouden.7. De afzetting van de wedstrijdbaan De markering van de wedstrijdbaan moet bestaan uit een kalklijn.Verder moet er voor de rijd(st)ers de mogelijkheid zijn om, in geval van nood, de baante kunnen verlaten.8. Pro sectie Indien op een circuit een zogeheten ‘pro sectie’ aanwezig is, dient deze zodaniggemarkeerd te zijn dat hij geen onderdeel uitmaakt van de wedstrijdbaan.9. De afzetting rondom het wedstrijdcircuit Obstakels, zoals palen en afzettingen, dienen zo mogelijk minimaal 2.00 meter uit dezijkant van de baan te worden geplaatst. Als dit door omstandigheden niet mogelijk is,dienen deze obstakels op een deugdelijke manier te zijn afgeschermd.10. Bijzondere eisen bij organisatie nationale wedstrijden Er moet voldoende parkeergelegenheid in de directe nabijheid van de crossbaanaanwezig te zijn alsmede voldoende sanitaire voorzieningen.Voorschriften van de fietsArtikel 13


Page 11

1. Algemeen a) versnellingen zijn verboden; b) alle onderdelen dienen vast gemonteerd te zijn; c) assen van de wielen mogen niet meer dan 5 mm uitsteken; d) kettingspanners zijn verboden tenzij de moer en de uitstekende draadeindendeugdelijk zijn afgeschermd; e) standaard, spatborden, vleugelmoeren, kettingkasten en andere puntigevoorwerpen zijn verboden; f)de crossfiets moet voorzien zijn van deugdelijke trappers. 2. Het stuur a) het stuur mag niet hoger zijn dan 30 cm en niet breder dan 75 cm; b) er mogen geen breuken in het stuur zitten en een gebroken stuur mag niet gelastzijn; c) om de uiteinden van het stuur dienen handvaten op een dusdanige wijzegemonteerd te zijn, dat de uiteinden van het stuur zijn afgeschermd. 3. Het balhoofd a) het balhoofd mag geen speling hebben; b) de balhoofdmoer moet vast zitten; c) de afstand tussen bout (top) gooseneck en balhoofdmoer mag niet meerbedragen dan 5 cm. 4. Het frame Frames waarin breuken geconstateerd worden, worden niet toegelaten tot de wedstrijd. 5. De wielen a) de spaken moeten voldoende gespannen zijn; b) lichte, net voelbare speling op de lagers is toegestaan; c) de moeren dienen vast gemonteerd te zijn; d) de crossbanden dienen uit één stuk vervaardigd en van profiel voorzien te zijn. 6. De remmen a) de fiets dient voorzien te zijn van een handrem werkend op het achterwiel; b) het uiteinde van de binnenkabel moet worden afgeschermd; c) het uiteinde van de rem handle moet afgerond of beschermd zijn. 7. Het zadel a) het zadel dient vast gemonteerd te zijn en in goede staat te verkeren; b) indien de zadelpenklem voorzien is van een losse bout en moer, dan mag debout niet meer dan 5 mm uitsteken. 8. Het cranckstel a) moeren moeten vast gemonteerd zijn;


Page 12

b) er mag lichte, net voelbare speling in de lagers zitten; c) de tandwielkeuze voor en achter is vrij. 9. Stuurnummerbord en zijnummerbordjesa) Het stuurnummerbord dient voorop het stuur te zijn gemonteerd; b) De aangebrachte nummers dienen duidelijk leesbaar, minimaal 80 mm hoog en10 mm dik te zijn. Om de cijfers heen moet 15 mm vrij worden gehouden.Controle op leesbaarheid van de nummers geschiedt door de besturen van deverenigingen. Een moeilijk leesbaar of onleesbaar nummerbord kan uitsluiting totgevolg hebben (het nummer wordt dan niet genoteerd). c) Zijnummerbordjes worden aan weerskanten van de bovenste framebuisgemonteerd, direct achter de stuurstang. d) De cijfers van de zijnummerbordjes moeten zwart zijn op een witte ondergronden minimaal 60 mm centimeter hooge) Reclame en/of afbeeldingen zijn op de zijvlakken van de zijnummerbordjes niettoegestaan.10. Controle De controle op de fietsen zal regelmatig door de eigen clubs gehouden worden.StartpositieArtikel 14Manches 1.De manches worden verreden op basis van het zogenaamde “speedway-systeem”.Voor de startposities wil dat zeggen dat random aan een rijd(st)er een startpositiewordt toegekend. Alle acht (8) startposities tellen mee in de toekenning, ongeacht degrootte van de groep.2. De startposities voor de manches worden bekend gemaakt via lijsten die op eenduidelijk zichtbare plaats dienen te worden opgehangen.3. Ruilen van de startpositie is op straffe van diskwalificatie uitdrukkelijk verboden.Vervolg-rondes 1. De startposities voor alle wedstrijdrondes ná de manches, worden verdeeld op basisvan prestaties in de voorgaande ronde. Op volgorde van plaatsing (1e, 2e, 3e, enz.)kan iedere rijd(st)er zelf zijn startpositie kiezen. 2. De rijd(st)er neemt bij het betreden van het startplatform zijn positie snel in; zijn eerstekeuze is definitief en kan niet meer veranderd worden.


Page 13

TrainingArtikel 15Ten behoeve van een ordelijk verloop van de training, worden de eerste twee opstelvakkengereserveerd voor de jongens en meisjes t/m 6 jaar. De organiserende vereniging maakt ditduidelijk met behulp van markering. Het districtsbestuur stelt jaarlijks regels vast met betrekking tot de indeling. Overtreding vandeze regels kan door de trackmanager(s) worden bestraft met de hem ter beschikkingstaande maatregelen.Wedstrijd controlevlaggenArtikel 16De betekenis van de kleur van de vlaggen is als volgt:Groen: de baan is vrij, er kan gestart worden (trackmanager)Geel: attentie, gevaar op of direct naast de baan (trackmanager enbaancommissaris)Rood: direct stoppen op of naast de baan (trackmanager en starter)Wit/zwart geblokt: protestvlag (te plaatsen direct bij de finish) Overnieuw rijden is niet toegestaan. Het afvlaggen, met de rode vlag, kan alleen leiden tot het (opnieuw) starten van de racewanneer de race nog onderweg is en vóórdat er een rijd(st)er gefinisht is (door het afvlaggenis de race niet gefinisht en formeel niet gereden).Rennerskwartier/parc ferméArtikel 17Uitsluitend vanuit het parc fermé worden de rijd(st)ers opgeroepen voor de start.Iedere niet-aanwezige rijd(st)er wordt uitsluitend in het parc fermé opgeroepen om zich temelden (dus niet over de centrale omroepinstallatie).In geval van technisch mankement aan de fiets, voor aanvang van de race, dient hiervanonmiddellijk melding te worden gemaakt bij de (hulp)trackmanager, zodat deze kan beslissenof de race wordt uitgesteld.In het parc fermé mag niet op de crossfiets worden gereden. Alle aanwijzingen van de NFF-officials dienen onverwijld opgevolgd te worden.


Page 14

De startArtikel 181. Handmatig starten De startcommando’s, die luid en duidelijk gegeven moeten worden zijn: RIDERS OPGELET: Er wordt twee (2) seconden gewacht tot het geven van hetvolgende commando. RIDERS READY: Er wordt wederom twee (2) seconden gewacht. RIDERS GO: Indien de “R” van RIDERS wordt uitgesproken kan de startprocedure nietmeer beëindigd worden. De starter dient de startplank zodanig te bedienen dat deplank valt tijdens het uitspreken van “GO”. 2. Starten met lichten en/of voiceboxDe startcommando’s, die luid en duidelijk gegeven moeten, worden zijn: RIDERS OPGELET: Er wordt twee seconden gewacht tot het geven van het volgendecommando. RIDERS READY. Daarna twee seconden wachten en vervolgensWATCH THE LIGHTS: Indien de “W” van WATCH wordt uitgesproken, dan kan de startprocedure niet meeronderbroken worden. Na het uitspreken van de “W” van WATCH moet het vallen vanhet starthek binnen twee-en-een-half seconden ingezet zijn. 3. Starten met random startHet eerste commando luidt:OK RIDERS RANDOM STARTRIDERS READYWATCH THE GATEa) De startprocedure is geëindigd als het startlicht op groen springt, c.q. het starthekbegint te vallen.b) Alleen de starter kan de start afbreken. Hij geeft hiervoor het commando”HERSTEL” waarna de startprocedure weer volledig opnieuw begint.c) De starter wacht tot de betrokken rijd(st)er gereed is en begint daarna opnieuwmet de startprocedure.d) De rijd(st)er dient tijdens de startprocedure zodanig tegen het starthek te staan,dat hij/zij geen andere rijd(st)er hindert.e) De leeftijdsgroepen van 4, 5 en 6 jaar mogen door ouders en/of begeleiderstijdens het innemen van de startpositie geholpen worden. Daarna dienen dezezich te verwijderen.


Page 15

f)De organiserende club zorgt voor uniforme startblokken die door de rijd(st)ersdesgewenst gebruikt kunnen worden. In geen geval mogen eigen startblokkenworden gebruikt.WedstrijdArtikel 191. Elke handeling en/of wijze van rijden, welke gevaar voor anderen kan opleveren ofwelke van ongunstige invloed kan zijn op het normale wedstrijdverloop is verboden. 2. Als rijd(st)ers komen te vallen of door pech moeten stoppen moet men de baan zo snelmogelijk vrij maken zonder de overige rijd(st)ers te hinderen. 3. Elke rijd(st)er die tijdens de race de baan verlaat, moet op het dichtstbijzijnde punt debaan weer opkomen. Hij/zij mag bij deze manoeuvre geen andere rijd(st)er hinderenen/of voorbijgaan. Zelf kan de rijd(st)er wel ingehaald worden. 4. Het afsnijden van de baan met de bedoeling voordeel te behalen ten koste van andererijd(st)ers is verboden. 5. Rijd(st)ers mogen elkaar tijdens de race op geen enkele manier helpen of een combineaangaan. 6. Blijft een rijd(st)er na een valpartij liggen, dan mag pas nadat een EHBO-er of artstoestemming gegeven heeft, de betreffende rijd(st)er worden verplaatst. 7. Er wordt alleen dan over gestart wanneer de startprocedure door technische ofmechanische storing niet correct verloopt.StraffenArtikel 20De trackmanager kan een straf opleggen als een rijd(st)er:1. opzettelijk een andere rijd(st)er hindert2. het normale verloop van de race hindert3. zich onsportief gedraagt, gaat schelden, handtastelijk wordt of iemand opzettelijk letseltoebrengt, of dit nu vóór, tijdens of na de race gebeurt4. zich niet houdt aan de bepalingen in dit reglement die betrekking hebben op uitrustingseisen en voorschriften met betrekking tot de fietsDe trackmanager mag na iedere race de volgende straffen opleggen:1. officiële waarschuwing;1 x waarschuwen = waarschuwing2 x waarschuwen = terugplaatsing


Page 16

3 x waarschuwen = uitsluitingofficiële waarschuwingen gelden per wedstrijdklasse2. terugplaatsing;De rijd(st)er wordt in deze race naar de laatste plaats verwezen.3. uitsluiting;De rijd(st)er wordt uit de wedstrijdklasse gehaald alsof hij/zij niet is ingeschreven.4. diskwalificatie. a) De rijd(st)er wordt uit de uitslag van alle wedstrijdklassen gehaald alsof hij/zij nietis ingeschreven en mag niet meer aan de start verschijnen. b) De punten voor de Promotieklasse komen te vervallen.De trackmanager kan tegen een rijd(st)er een opmerking maken. Dat is geen straf maar ietswaar de rijd(st)er op moet letten.De straffen gelden alleen voor de actuele wedstrijd waarin de straf is opgelegd. Waarbij eenwedstrijd over meerdere dagen, zoals het NK Outdoor, als één (1) wedstrijd telt.Als de trackmanager een straf oplegt, dan moet hij/zij deze straf direct na de race aan derijd(st)er meedelen. Hij/zij moet de straf letterlijk uitspreken en verduidelijken. De beslissingvan trackmanager is definitief, protest tegen de beslissing is niet mogelijk.ProtestenArtikel 21Direct na afloop van de race kan d.m.v. het opsteken van een, bij de finishlijn aanwezige,vlag geprotesteerd worden. Rijd(st)ers t/m 6 jaar mogen hierbij geholpen worden door eenbegeleider.De uitspraak van de Trackmanager is hierin beslissend.De trackmanagerArtikel 221. De trackmanager is belast met de wedstrijdtechnische supervisie en leiding op eenwedstrijddag. De trackmanager dient te handelen namens de NFF met inachtnemingvan dit reglement. Hij dient altijd te worden bijgestaan door een hulp trackmanager, dieals zijn vervanger kan optreden.


Page 17

2. De dienstdoende E.H.B.O.-er dan wel medicus doet, voor zover naar zijn mening dedeelnemer medisch bezien niet geschikt is aan de training en/of wedstrijd deel tenemen, hiervan mededeling aan de Trackmanager.3. De Trackmanager moet controleren of de benodigde uitrustingsstukken op hun plaatsstaan, zoals omroepinstallatie, wedstrijd controlevlaggen, starthek, baan-afzetting etc. 4. Hij moet erop toezien, dat het overige baanpersoneel goed geïnstrueerd is enklaarstaat als de trainingen en wedstrijden beginnen;5. De Trackmanager hanteert de rode vlag als beschreven in artikel 166. Bij geschillen is de uitspraak van de Trackmanager beslissendStarterArtikel 231. De starter bedient het starthek en geeft de daarbij behorende commando’s.2. Hij wordt geassisteerd door de hulpstarter (DNS-functionaris), die er tevens controle opuitoefent of de crossers de juiste startplaats op de startheuvel innemen.3. De starter dient te wachten op een teken van de Trackmanager: “Baan vrij voor devolgende start” (= groene vlag). 4. De starter is bevoegd, alleen wat betreft het starten, de trackmanager eenwaarschuwing op te laten leggen. 5. Herstarten is een optie als de starter merkt dat de startprocedure door een technischeof mechanische storing niet correct verloopt. De starter gebruikt daarvoor de rode vlag.Het afvlaggen, met de rode vlag, kan alleen leiden tot het (opnieuw) starten van derace wanneer de race nog onderweg is en vóórdat er een rijd(st)er gefinisht is (door hetafvlaggen is de race niet gefinisht en formeel niet gereden)BaancommissarissenArtikel 24Bij elke wedstrijd en de voorafgaande training dienen minimaal twee (2)baancommissarissen aanwezig te zijn. Zij assisteren de Trackmanager bij een goed ensportief verloop van de wedstrijd. Hiertoe maken zij aantekening van geconstateerdeovertredingen. Zij worden, zo nodig, bij een protest door de Trackmanager geraadpleegd.De baancommissarissen hanteren de gele en groene vlag als beschreven in artikel 16.De baancommissarissen bij nationale wedstrijden moeten deelgenomen hebben aan de doorde NFF georganiseerde baancommissarissendag.


Page 18

JuryArtikel 25Het juryteam bestaat uit minimaal zeven (7) personen.1. Drie (3) daarvan noteren de volgorde van binnenkomst, welke wordt beslist op definishlijn. a) Zij nemen daar een zodanige plaats voor in, dat een duidelijk zicht op de finishlijnmogelijk isb) Bepalend voor de binnenkomst is als de voorkant van het voorwiel de finishlijnpasseert. De rijd(st)er moet op dat moment de fiets tussen de benen hebben. c) Verder moeten zij verdeeld opgesteld zijn: twee (2) aan de linkerzijde van definishlijn en één (1) aan de rechterzijde van de finishlijn (of vice versa). Over devolgorde van binnenkomst mag door deze drie (3) juryleden niet gediscussieerdof overlegd worden. Alle jurybriefjes moeten naar de controle gebracht worden.2. Een vierde (4e) lid van de lijnjury noteert zoveel mogelijk maar concentreert zichdaarbij met name op de close-finishes (de rijd(st)ers die vrijwel gelijktijdig de finishlijnpasseren). Zijn/haar notatie is beslissend bij twijfel van de andere drie (3) juryleden. 3. Twee (2) juryleden houden zich bezig met het doorschrijven van de uitslagen die dejury op de finishlijn genoteerd heeft.4. Een zevende (7e) persoon wordt door de vereniging aangewezen om de briefjes vande jury, die de binnenkomst van de rijd(st)ers noteert, naar de doorschrijvendejuryleden te brengen.Fotofinish en juryArtikel 25aBij wedstrijden waar met het fotofinishsysteem wordt gewerkt, bestaat het juryteam uitminimaal zes (6) personen. 1.Eén (1) jurylid is verantwoordelijk voor het maken van de finishfoto’s. Dit jurylid zorgtervoor dat van elke individuele finish een foto wordt vastgelegd in het fotofinish-systeem.2.Twee (2) juryleden zijn verantwoordelijk voor het verwerken van de finishfoto’s totuitslagen. Zij leggen de uitslagen vast in digitale bestanden. 3. Twee (2) andere juryleden zijn steeds beschikbaar ter aflossing.4. Eén (1) jurylid noteert buiten bij de finishlijn de volgorde van binnenkomst. Dit jurylidneemt daar een zodanige plaats voor in, dat een duidelijk zicht op de finishlijn mogelijkis.


Page 19

5. Een zevende (7e) persoon wordt door de vereniging aangewezen om de briefjes vande lijnjury, die de binnenkomst van de crossers noteert, naar de binnenjury te brengen.Bepalend voor de binnenkomst is als de voorkant van het voorwiel de finishlijn passeert. Derijd(st)ers moet op dat moment de fiets tussen de benen hebben. De genoteerde uitslagenzijn alleen bepalend voor de uitslag als met behulp van het fotofinish-systeem geenbepalende uitslag kan worden verkregen.E.H.B.O.Artikel 26Tijdens districtswedstrijden dienen er steeds drie (3) EHBO-ers aanwezig te zijn. Om hetwedstrijdverloop goed te kunnen volgen, dienen zij op het middenterrein aanwezig te zijn.Alleen een EHBO-er of arts kan toestemming verlenen tot het verplaatsen van eendeelnemer na een valpartij. Ook bij valpartijen is het voor ouders/begeleiders verboden debaan te betreden.AlcoholverbodArtikel 27Het is verboden om tijdens een fietscross-wedstrijd alcohol te nuttigen.Dit verbod geldt voor:1. alle NFF-officials (zoals jury-team, trackmanagers, aanwezige bestuursleden,rijdersraad)2. rijd(st)ers aan de wedstrijd3. medewerkers van de organiserende vereniging (waaronder ook ingehuurdemedewerkers worden begrepen, zoals EHBO of geluidsmensen)Dit verbod geldt vanaf het begin van de wedstrijddag tot aan het moment waarop deprijsuitreiking volledig is afgewerkt.Het nuttigen van alcohol zal leiden tot directe en onvoorwaardelijke verwijdering van hetwedstrijdterrein en (indien het een licentiehouder betreft) schorsing van de licentie voortenminste 3 maanden.ReglementArtikel 28In alle gevallen waarin het Nationaal NFF reglement of dit addendum van NFF DistrictMidden niet voorzien, beslist de trackmanager; waarbij na afloop van de wedstrijd het NFFDistrict Midden bestuur hierover geïnformeerd wordt.